Boek: Le Dahir berbere de 1930

dahir-1930“Le Dahir berbere de 1930” is een nieuw boek over een wetsvoorstel om justitie in Marokko te hervormen. Het voorstel liep uit op protesten. Tegenstanders zagen in de hervorming een poging om het land te verdelen. Niets is minder waar zegt de auteur Lahoucine Outachfit. Het protest was politiek gemotiveerd en het land kende twee rechtssystemen.

Waarom een boek over de Dahir berbere 1930?
Er zijn meer studies gedaan naar de Dahir berbere. We weten veel dankzij het werk van Mohamed Mounib en Gilles Lafuente. Maar ze gaan over alle wetsvoorstellen vanaf 1912. Mijn onderzoek gaat specifiek over het wetsvoorstel van 16 mei 1930.

Wat maakt de Dahir van 1930 zo bijzonder?
De Dahir van 1930 was slechts één uit een serie wetsvoorstellen die de Sultan Abdel Hafid moest goedkeuren. Hij tekende in 1912 het Verdrag van Fes. Hierbij stemde hij in met  staatshervorming onder het Franse Protectoraat. In 1913 tekende hij de eerste Dahir om delen van justitie te reorganiseren. Het werd zonder problemen aangenomen. In 1914 tekende hij een nieuw Dahir  waarin voor het eerst werd voorgesteld het gewoonterecht te reorganiseren. Ook dat werd zonder problemen aangenomen.

Wat is gewoonterecht?
De Franse ambtenaren belast met de hervorming van justitie troffen twee werkzame rechtssystemen aan. Het eerste was gebruikelijk in gebieden onder controle van het centrale gezag van de Maghzen zoals Fes, Rabat, Salé, Marrakech … Dat systeem is gebaseerd op islamitische wetgeving, de Sharia. De rest van het land maakte gebruik van een combinatie van twee rechtssystemen: de Sharia en het gewoonterecht. In het Berbers heet dit systeem Azerf (meervoud: izerfan = rechten). In het Marokkaans heet het al-Orf.

Wat is het verschil tussen de twee rechtssystemen?
Het gewoonterecht kwam nagenoeg alleen voor in regio’s waar Berbers wonen. Het kreeg in de taal van de ambtenaren de naam van “justice berbère”. Het verschil met de Sharia zit in persoons- en familierecht, strafrecht, behandeling van vrouwen en de doodstraf die niet bestaat. De Dahir van 1930 stelde dus voor het gewoonterecht Azerf te reorganiseren in de regio’s waar het gebruikelijk was. Dat rechtssysteem was bovendien al eeuwen door de meeste Marokkaanse Sultans officieel erkend.

Wat is het probleem dan? Waarom werd er geprotesteerd?
In plaatsen als Fes en Salé was gewoonterecht onbekend. Daarnaast en door een ongelukkige samenloop van omstandigheden kreeg de interpretatie van de Dahir een onverwachte wending. 1930 was ook het jaar waarin werd gevierd dat Algiers een eeuw eerder in handen viel van de Fransen. De evangelisten die altijd al van een terugkeer van Noord Afrika naar het christendom droomden, pakten groots uit. Ze gingen in Fes compleet uitgedost in processie door de straten. Dat is de bevolking in die stad en daar buiten niet ontgaan. Meer dan een millennium eerder was Noord Afrika christelijk. Grote namen uit de kerkgeschiedenis zoals Sint Augustijn zijn Berbers. De bouw in Algerije van de reusachtige kerk Notre Dame d’Afrique moest het christendom in ere herstellen. Daarmee wilde men de weg voorbereiden om de bevolking te kerstenen, te beginnen bij de autochtonen de Berbers.

Officieel had religie in de Franse koloniale politiek geen plaats. Religie werd sinds de Franse Revolutie gescheiden van staatszaken. Toch was er in de schaduw van het politieke, militaire en administratieve gezag van de Fransen altijd een legertje missionarissen. Ze werden gedogen maar soms ook tegen gewerkt. De toepassing van de Dahir van 1930 was dus niets nieuws. Maar de interpretatie ervan door een paar jonge mensen uit Fes en Salé zoals Allal El Fassi, Abdelatif Sbihi, Belafrej en Hassan El Ouazzani heeft voor nieuwe problemen gezorgd.

Wat waren dat voor mensen? Wat is hun achtergrond?
Dit zijn kinderen van oude protegés van vreemde mogendheden. De meeste hadden een buitenlandse nationaliteit. Anderen konden rekenen op de bescherming van de landen waarvoor ze werkten zoals Engeland, Italië en Amerika. Ze kwamen dus uit rijke families die in die tijd een studie voor hun kinderen in het buitenland konden betalen. Abdelatif Sbihi bijvoorbeeld werd in 1897 in Salé geboren en in Frankrijk opgeleid. Hij kwam terug en werd ambtenaar in dienst van de Fransen. Hij was het brein achter de protesten. Na 1956 werd hij ambassadeur in Latijns Amerika.

Hoe zijn de protesten tegen de Dahir begonnen?
Sbihi begon eerst met de studenten in Salé te waarschuwen voor de politieke gevolgen van de Dahir. Frankrijk was volgens hem bezig Marokkanen te verdelen in twee aparte volken: Arabieren en Berbers. Toen de studenten niet veel interesse hadden getoond ging hij naar Fes. Daar veranderde hij zijn verhaal. Hij presenteerde nu de Dahir als een Frans complot tegen de islam. Hij koos voor religie als middel om het volk te mobiliseren. In de moskee kwamen alle sociale klassen bijeen om te bidden en om zich te informeren over wat er gaande is in de rest van het land. Ook het voorstel om het gebed “Ya Latif” in de moskeeën collectief te reciteren, kwam van hem. In een rapport van de geheime politie van Marrakech is het volgende te lezen:

“Gisteren, zondag 6 juli (1930) rond 10.00 uur kwam Larbi Douiri in Hotel Terminus aan. Hij kwam Sbihi ophalen. Ze gingen naar zijn huis waar zijn neven Abdelkrim en Driss, Thami El Maroufi, de imam El Razi, Abdelkader Naciri, Ould El Afia en de portier van het Engelse Consulaat zich bij hen voegden. Nadat Sbihi de aanwezigen heeft laten zweren om alles geheim te houden, gaf hij de volgende opdracht: op vrijdag 11 juli moet elk van hen in een belangrijke moskee van de stad plaats nemen samen met zijn trouwe vrienden. Na het gebed van de Zohr (namiddag), moeten ze achter de imam plaats nemen en het gebed “Ya Latif” hardop reciteren. Als de imam vraagt wat het betekent, moeten ze uitleggen dat het een gebed is voor onze broeders de Berbers opdat ze de Sharia wetgeving adopteren en de wetten en gewoontes van hun voorouders verlaten.”

De protesten gingen niet alleen over de nieuwe Dahir van 1930 maar ook over de taal. Zo wilden Sbihi en zijn vrienden de mensen in de moskeeën ook waarschuwen voor wat ze “De Berberse dialecten” noemden. Want dat is een bron van twist die de Fransen gebruiken om Marokko te verdelen.

Wat willen ze hiermee bereiken?
Ze waren op zoek naar politieke legitimiteit. Dit zijn kinderen van rijke families die fortuinen hebben verdiend dankzij de handel met het buitenland. In de laatste decennia van de 19de eeuw werkten de meesten samen met buitenlandse vertegenwoordigingen. Sommige hadden zelfs buitenlandse reisdocumenten. Hiermee konden ze de belastingen ontduiken omdat ze niet langer als Marokkaan konden worden aangemerkt. Dat ging zo ver dat er officiële decreten werden uitgevaardigd waarin ze van landverraad werden beschuldigd. Sbihi en zijn vrienden wisten dat de Franse bezetting vroeg of laat zal eindigen. Ze moesten zich haasten om politieke legitimiteit te verkrijgen. Hiervoor diende de Dahir van 1930 als alibi. Het wetsvoorstel kwam als geroepen op tijd. Het verschafte een denkbeeldige binnenlandse en buitenlandse vijand waartegen ze in verzet konden gaan. Tegelijkertijd konden ze zich als hoeders van de nationale eenheid profileren.

Er waren ook protesten tegen de Dahir in het buitenland. Hoe kwam dat?
In Azië en in het Midden Oosten verscheen er een aantal artikelen in de moslim media over de Dahir van 1930. Daarin werd gewaarschuwd voor de “Franse politiek” in Marokko. Historici die de artikelen hebben bestudeerd zoals Gilles Lafuente spreken van georganiseerde propaganda. Berbers om wie het werkelijk ging, hebben nooit onafhankelijkheid voor een eigen land geëist. Ze zijn daarnaast nooit massaal christen geworden. De artikelen werden vanuit Parijs opgestuurd en steeds ondertekend door ene “Muslim Barbari”.

Wie is deze “Muslim Barbari”? Is zijn identiteit bekend?
Het staat vast dat er Marokkanen bij betrokken waren. De schrijver of schrijvers moesten veel hebben geweten over de binnenlandse politiek. Maar het kunnen ook niet-Marokkanen zijn. We weten dat er politieke agitators uit het Midden Oosten actief waren. Chakib Arslan uit Libanon leefde in ballingschap in Zwitserland. Hij werd door de Fransen en Britten zijn land uitgezet wegens zijn opruiende activiteiten. We weten dat hij geregeld brieven, artikelen en verslagen naar de media in het Midden Oosten stuurde. Hij  had ook contacten met Marokkanen uit de kringen van Sbihi. We weten bijvoorbeeld dat hij Tetouan werd binnengesmokkeld voor een meeting.

Wat was de reactie van de autoriteiten in Marokko?
Iedereen was door de protesten tegen de Dahir verrast. De Sultan was niet blij. De Fransen nog minder. De Sultan liet bijvoorbeeld een brief op 2 augustus 1930 in de moskeeën voorlezen. Daarin legde hij opnieuw uit wat de bedoeling was van het wetsvoorstel. Hij maande de groep van Sbihi tot kalmte. Maar het psychologische effect van de protesten was al uitgekomen. De Dahir van 1930 was voor goed besmeurd.

Ondanks de protesten werd de Dahir van 1930 gewoon doorgevoerd…
Ja, samen met nog meer Dahirs. Het tweedelig rechtssysteem heeft gewerkt tot na 1956. Door de gewelddadige machtsovername van de vrienden van Sbihi kwam er een einde aan.

U heeft dit boek in Frankrijk gepubliceerd. Waarom niet in Marokko?
Ik heb het manuscript naar het IRCAM opgestuurd. Ze waren enthousiast. Ik kreeg een contract waarin ze de publicatie van het boek in Marokko op zich nemen. Ik ging juli 2007 langs om de laatste details te bespreken. Ze deelden mee dat de comité bestaande uit specialisten het boek heeft gelezen en beoordeeld. Ze vinden het belangrijk maar willen het niet publiceren omdat er nog meer onderzoek moet worden gedaan. Het contract werd geannuleerd. Ik heb uiteindelijk besloten op eigen kosten te publiceren.

De auteur:
Hij is in 1981 in Taghejijt geboren. Hij studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Agadir en aan de Universiteit van Marne-la-Vallée (Frankrijk). Hij is momenteel bezig zijn onderzoek naar de politieke geschiedenis van Marokko in de Middeleeuwen.

Bijlage:
– Voorbeeld gewoonterecht uit 1910
– Het Verdrag van het Protectoraat uit 1912
– Vertaling van de originele tekst van Dahir 1930



About

H. Amouch, webredacteur met passie voor reizen en sport. Ook jouw bijdrage op deze website? Laat het ons weten via admin (at) souss punt org.


'Boek: Le Dahir berbere de 1930' has no comments

Reageer op dit artikel

sommige auteursrechten voorbehouden (cc) souss.nl - souss.org 2005 - 2017