“Agadir heeft een speciale plaats”

jacob_verf_smallIn 1960 schoten zeshonderd Nederlandse mariniers de bevolking van Agadir te hulp na een verwoestende aardbeving. Dat was de eerste Nederlandse humanitaire actie in het buitenland na de Tweede Wereld Oorlog. Toch hebben deze mariniers nooit echt de erkenning gekregen die ze verdienen. Honderd dertig van hun gaan op 24 februari 2010 terug naar Agadir voor een herdenking. Een van hun is de 67 jarige Jacob Verf. Hij is nauw betrokken bij de organisatie van de herdenking.


Ik was één van de opvarenden aan boord van de kruiser De Ruyter. We hebben vier maanden in de Middellandse Zee geoefend. We waren op weg naar de Straat van Gibraltar toen Commandeur Verwerda op de radio vertelde dat er een vreselijke aardbeving was geweest. We kregen de opdracht zo snel mogelijk naar Agadir te varen. We kwamen aan en lagen twee kilometer uit de kust. De lijkenlucht kwam op ons af. Aan land werden we naar de Kasbah gestuurd om te graven. Er waren Franse schepen. Amerikanen waren op een vliegbasis ernaast. Ik werd meegestuurd met een Marokkaan om te graven. Ik weet nog dat het warm was. De bevolking was totaal van slag. Je kon zien dat de mensen helemaal verdwaasd waren. Langs de weg lagen allemaal lijken en matrassen met met nog meer lijken erop.

Links was de toeristische wijk waar de Fransen gingen helpen. Rechts was de Kasbah waar veel mensen woonden. Dat was de oudste gedeelte en het slechtste gebouwd. Daar bleef geen steen meer overeind. Boven was een oud fort uit de 17de eeuw, een Nederlands handelskantoor. Alles viel naar beneden. Alleen de poort bleef overeind. Ik kreeg een plek op een plat dak om te graven. Ik hakte een oppervlakte en tilde het op met mijn vriend. Er lag een klein kindje onder. Die was dood, helemaal plat. Ik schrok me vreselijk. Niemand kon er tegen.

Een scheepsarts heeft mij opgevangen. Ik kreeg een doek voor op mijn mond tegen desinfectie. Toen ik er even over heen was, ging ik weer terug. Ik ben een dag of vier gebleven. Ik heb eigenlijk alléén maar dode mensen uit de puin gehaald. Kinderen die het overleefden, werden later door Belgische gezinnen geadopteerd. Daar ben ik in één klap volwassen geworden. In de grote boulevard naar de haven, waren grote en brede scheuren in de aarde te zien. Meters diep. De pier van de haven en de blokken van stenen lagen allemaal door elkaar als lucifertjes. Het was verschrikkelijk.

We gingen elke dag terug om te helpen. En het werd steeds triester om te zien. Lijken gingen ontzettend stinken. De stank is iedereen bijgebleven. s Avonds aan boord werden we ontsmet. Alle kleding moest in hoge temperaturen gewassen en gedesinfecteerd worden. Op de laatste dag werd besloten dat de Amerikanen met vliegtuigen de stad met ongebluste kalk zouden ontsmetten. Later op de avond rond een uur of negen hoorden we een enorme klap in de zee. Het was net een explosie. Dat was de naschok. Ons hele schip werd opgetild.

De klap was in een keer over iedereen heen gegaan. In een half uur waren alle schepen gezongen op de plaats waar we waren met ons schip. De gevolgen zouden enorm zijn geweest als we daar waren gebleven. De stad werd daarna afgesloten. Wat me ook bijgebleven is dat ik al het voedsel bij elkaar heb gedaan, brood gemaakt… niet wetend dat het de vastenmaand was. De bewoners aten niet overdag. Op de terugweg naar huis hadden we ook zelf bijna geen eten meer aan boord. Bij thuiskomst zeiden mijn ouders dat ik vermagerd was. Ik was vermagerd door de emoties die ik daar meemaakte.

Tien jaar geleden was er een reünie met vierhonderd mariniers die de aardbeving hebben meegemaakt. Ik kwam op het idee om nog eens vijftig jaar na de ramp een herdenking te organiseren. Ik begon mensen aan te schrijven en te bellen. Consulaten, ambassades, mensen uit de gemeenschap … Ik heb ook Prins Alexander, de Minister van Buitenlandse Zaken en de Marokkaanse koning aangeschreven. Ik heb de marine ingeschakeld. Mensen werden steeds enthousiaster naarmate ik ze vertelde over mijn plannen.

Ik heb uiteindelijk 220 mensen bijeen gebracht. 130 hiervan gaan op 24 februari 2010 terug op uitnodiging van de burgemeester van Agadir. Sommige zijn nu 80 jaar oud. We gaan niet alleen de doden herdenken maar ook zien hoe de stad er nu uitziet. Veel van de oude mariniers hebben nu nog de aardbeving geestelijk niet helemaal verwerkt. Sommige waren al die jaren in behandeling bij de psychiater van de marine. Ze hebben nooit echt de erkenning en de steun gehad die zij nodig hadden.

We blijven tot begin maart. Vrijdag en zaterdag zijn de officiële dagen van de herdenking. We verschijnen in volle ornaat. Het programma is nog niet bekend. Maar ik denk dat het heel goed wordt. De Nederlandse ambassadeur biedt ons een culturele avond en een receptie aan. Ik zag de beelden van de aardbeving in Haiti. Het is verschrikkelijk. De hulp is gelukkig snel op gang gekomen. In Agadir hadden we vijftig jaar geleden geen bulldozers. Er was helemaal niets. Je kreeg een schep een pakje sigaretten. Daar moest je het mee doen.

Agadir ligt aan de kust, afgesneden door de bergen en de Atlantische Oceaan. Het duurt minstens drie dagen voordat iemand via de zee per schip hulp kon bieden. Aan de zuidkant ligt Afrika. Daar kon je niet veel verwachten want de mensen zijn arm. De hulp kwam dus heel langzaam op gang. Er was niets meer van de stad over. We moesten met blote handen mensen eruit graven. Ik ben drie maanden geleden teruggegaan. Ik kan nog sporen van de aardbeving terugvinden. Vanuit de plek waar de Kasbah was, kun je zien waar de paden hebben gelopen. Die plek mocht niet gebouwd worden omdat er nog altijd mensen onder liggen.

Achter de Kasbah ligt een groot dal. Daar liggen de graven van de slachtoffers. Ik denk dat mensen straks er moeite mee zullen hebben. Onvoorstelbaar veel, veel meer dan de officiële cijfers van 15.000. We gaan de vlaggen hijsen en een krans leggen voor het gemeentehuis. Door de aardbeving is Agadir een stad zonder hart geworden, net als Rotterdam na de bombardementen van de oorlog. Het centrum is weg. Dat heeft heel veel indruk op mij gemaakt. Agadir heeft een speciale plaats in mijn hart gekregen.

(Interview en foto: Souss.nl. Van dit artikel verscheen eerder een samenvatting in het Frans op www.agadir50.com)



About

H. Amouch, webredacteur met passie voor reizen en sport. Ook jouw bijdrage op deze website? Laat het ons weten via admin (at) souss punt org.


'“Agadir heeft een speciale plaats”' has no comments

Reageer op dit artikel

sommige auteursrechten voorbehouden (cc) souss.nl - souss.org 2005 - 2017